Alzheimer

Geplaatst op

Voor een schrijfopdracht moest ik recent een ‘taalmoment’ beschrijven, iets dat ik vroeger zelf heb meegemaakt. Binnen een paar seconden moest ik denken aan een gesprek dat ik het weekend daarvoor met mijn moeder had gehad.

Om je kort even achtergrond te geven, mijn moeder heeft Alzheimer. Elke keer als ik haar bezoek praat ik over herinneringen. Sommige dingen uit het verleden weet ze nog precies, maar steeds vaker merk ik dat ze dingen begint te vergeten. Als je dit niet vanuit een persoonlijke situatie en van dichtbij hebt meegemaakt, je weet niet hoe enorm pijnlijk deze momenten zijn.

Het begon medio vorig jaar. Ze vergat haar pincode, we moesten elke maand nieuwe pasjes aanvragen. Waspoeder in de droger, koffie zetten zonder filterzakje, proberen te bellen met de afstandsbediening en zo ging het maar door. Tot ze meerdere malen per week op straat rondliep omdat ze niet meer wist waar ze woonde. De laatste paar keren was het erg koud, je wordt gebeld door de politie of één van de buren, je gaat er laat op de avond heen, soms blijf je er slapen, maar uiteindelijk gaat het zo vaak fout dat je er niet meer aan ontkomt om haar in een speciaal tehuis te laten opnemen. Hartverscheurend.

Ik had het dus recent met haar over een moment van vroeger, toen ik nog heel jong was. We stonden bij een ondergrondse metrohalte in Rotterdam, waar ik ben geboren. Het was koud die ochtend, ik had wanten aan. Op de muur bij de metro stonden allemaal teksten, ik vond het leuk om hardop te lezen, ik kon net een beetje lezen. Ik zie haar nog voor mij, toen had ze nog lang zwart haar. Ze moest lachen. De exacte details zijn erg blurry, die kan ik mij niet meer zo goed herinneren, maar ik weet nog dat ik voelde dat ze mij een kneepje gaf. Ze was trots.

Ik heb ervoor gekozen om dit fragment te beschrijven als ‘taalmoment’. Ik moest in maximaal 100 woorden dit moment samenvatten. Het is het volgende geworden:

Ik vertelde haar over ons moment bij de metro. Ik was misschien vijf of zes jaar oud? Ze wist het niet meer, Alzheimer is een verschrikkelijke ziekte. Hardop las ik de teksten op de muur, ik wist niet goed wat ik las, moeilijke woorden. Ze glimlachte en was trots op mijn leergierigheid. Dat voelde goed, vertrouwd.

‘Wat praat je veel’ zei ze terwijl ze zachtjes in mijn hand kneep. Ik herinner nog dat ik mijn wanten daarna uittrok. Het was wat warmer ondergronds. Ze glimlachte toen ik deze herinnering deelde. Morgen doet ze het weer, dan is ze dit vergeten.

Vorige week heb ik het boek ‘Hersenschimmen’ van Bernlef gelezen. Een enorm mooi boek dat je mee laat leven met iemand die Alzheimer krijgt. Daarmee voel je het van de andere kant, hoe heftig moet het zijn als je merkt dat je langzamerhand je herinneringen kwijt begint te raken. Ik heb menige traan weggepinkt tijdens het lezen. Zo herkenbaar.

Zo begon ze haar eigen huis als vreemd te ervaren. Ze had niet meer het idee dat ze thuis was. Ze dacht dat andere personen elke keer haar meubels verplaatsen. Ze stopte haar geld op vreemde plekken omdat ze bang was dat iemand het zou pikken. Ze at bijna niet meer, tenzij er iemand voor haar kookte. De artsen met wie ik sprak legden uit dat dit normaal was, dat de impulsen van haar hersenen niet goed meer werkten. Dan voel je pijn in je buik, maar je begrijpt niet dat het een hongergevoel is.

Afgelopen week ging ik naar haar toe, ik vertelde haar dat ik begonnen was met schrijven, dat ik nu echt serieus bezig was. Ze was echt enorm enthousiast. Ik heb dit al een aantal keer aan haar verteld, elke keer is ze enthousiast. Alsof ik het elke keer voor het eerst vertel. Ik heb het al zo vaak verteld.

Photo by Engin Akyurt from Pexels

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *